“De wondere wereld van Wixel”

Wim Maesschalk, alias Wixel: ‘Ik wou een klankwereld creëren die zo verschroeiend is als de zon.’
BRUSSEL - De Brusselaar Wixel heeft met ‘Somewhere between the sun and the moon’ een van de ontroerendste Belgische platen van 2008 gemaakt.
‘Ik maak me niet zo gauw boos’, zegt Wim Maesschalk en hij glimlacht. ‘Als ik al kwaad word, wil ik misschien even iets of iemand een mep verkopen, maar tien seconden later ebt dat gevoel al weg.’
Geduld en bescheidenheid zijn, niet verwonderlijk, de basisingrediënten van Somewhere between the sun and the moon, het tweede album dat Maesschalk onder de naam Wixel maakt. Het is een collectie intimistische instrumentale nummers, gespeeld met akoestische gitaren, percussie en een toefje elektronica. Zijn nummers putten uit melancholie en tristesse, doen lieflijk aan of klimmen naar een koortsachtige climax, met onthutsende ruis en noise. Daardoor doet het album eerder aan een gemoedstoestand dan aan een muziekgenre denken.
Maesschalks wonderlijke klankenwereld mag dan weinig uitstaans hebben met pop en rock, toch is hij geworteld in de alternatieve muziek. Hij begon op zijn vijftiende gitaar te spelen, gevoed door rockbands als Sonic Youth en de Smashing Pumpkins. Na zijn eerste experimenten met muzieksoftware sloot hij zich op zijn achttiende aan bij de postrockgroep A December Lake. Toen die groep er de brui aan gaf, ging Maesschalk als Wixel verder.
‘De muziek die ik de voorbije drie jaar heb beluisterd, verschilt drastisch van de muziek waar ik van hield toen ik achttien was. Ik heb voor mijn studies filosofie een thesis geschreven met de titel “Over de grenzen tussen geluid, muziek, lawaai en stilte,’. Ik heb die begrippen onderzocht aan de hand van composities van onder meer John Cage en Morton Feldman. Hun theorieën hebben mijn visie op muziek sterk beïnvloed. Daarom staan er op de nieuwe plaat nummers waarin niet meer dan twee instrumenten worden gebruikt. Het gaat mij in dat geval om de klank, niet zozeer om de emotionele expressie.’
Dat is een opvallende uitspraak voor iemand die zo’n tedere, romantische muziek maakt. ‘Fuck emoties!, zei John McEntire van Tortoise ooit. (lacht) Ik vind dat een leuke manier om naar muziek te kijken. Anderzijds hou ik ook van singer-songwriters die een gevoelig verhaal vertellen. Mijn muziek is een combinatie van die twee polen. In mijn geval is het simpel: ik maak meer muziek als ik me slecht voel. Een cliché, dat weet ik, maar als in mijn leven iets negatiefs gebeurt, heb ik de neiging mijn gitaar te pakken.’
Hoeft het dan te verbazen dat Somewhere between the sun and the moon tijdens een relatiecrisis ontstond? Maar niet alleen Maesschalks liefdesperikelen boden inspiratie, ook de hele kosmos droeg bij tot zijn sound. Hij kocht een boek over de zon en één over de maan en had meteen de titel van het album te pakken.
‘In mijn laatste jaar filosofie kreeg ik het vak kosmologie. Dat is de leer van het universum, waarin je ontdekt dat de zon en de maan slechts een fractie zijn van de kosmos. Ik ben me gaan verdiepen in die materie. Wie geluidstapijten of ambient maakt, probeert vaak een soort onderwaterwereld te simuleren. Maar ik dacht: als we nu eens een klankwereld proberen te creëren die zo verschroeiend is als de zon.’
Vooral Maesschalks oor voor detail leidt tot verbluffende resultaten: vingers die langs de snaren glijden, het hout van zijn gitaar dat kraakt, een kuchje, een tikje, omgevingsgeluiden - ze maken deel uit van zijn composities.
‘Veel producers filteren de ruis weg uit hun opnames. Ik laat die er vaak gewoon op staan: een extra laagje ruis draagt bij tot de compositie. Onder de hoofdtelefoon komt zo’n krakje of een hoest pas goed tot zijn recht.’
Maesschalks visie werkt aanstekelijk. Zopas produceerde hij het debuut van de groep Yuko, For times when ears are sore, een prachtige herfstplaat vol introverte liedjes. ‘Het was mijn eerste klus als producer. Ik heb mij geschikt naar de wensen van Yuko. De communicatie was beperkt: ze stuurden mij de muziek, ik heb ze gemixt. Ik vond hun liedjes sowieso heel sterk. Anders had ik het niet willen doen, of ze zouden me enorm goed betaald moeten hebben (lacht).’
Maesschalk ligt goed in de markt, maar hoe ver kan je met dit soort muziek gaan? ‘Ik zit in een vrij beperkte wereld. Gewone Belgische popgroepen mikken op de grote kanalen: ze hopen in rotatie te geraken bij Studio Brussel. Dat is een echt slagveld. Daar hoef ik mij niet om te bekommeren. Ik heb het geluk dat ik kan spelen in culturele centra en dat Bozar of De Singel mij een forum willen geven. Je zult me niet snel horen klagen.’
‘Somewhere between the sun and the moon’ is nu uit
///////////////DISCLAIMER/////////////
Dit interview werd opnieuw gepubliceerd zonder toestemming van de standaard, de krant die het interview publiceerde op 26 november. Ik dacht; als de knack ‘liefdesbrieven’ van morel & van hecke mag publiceren omdat het relevant is, dan mag ik dat ook! Het interview werd afgenomen door Sasha Van der Speeten. Link zolang hij geldig blijft: http://www.standaard.be/Artikel/Detail.aspx?artikelId=3523ACBG
////////////////DANKUWELALSTUBLIEFT///////////